Vijf minuten na aanvang van Ger Thijs’ nieuwste toneelstuk De grote liefde valt het doek. Applaus op band klinkt. Uitgebreid glimlachend maken de acteurs een buiging en ze nemen bloemen in ontvangst. Het premièrepubliek in Leiden begint zelfs twijfelend mee te klappen.
Toneel over toneel: altijd goed voor een ontregelend grapje. De grote liefde van theaterproducent Hummelinck Stuurman is een romantische komedie die zich afspeelt in de theaterwereld. Een liefdesverhaal tussen de coulissen dus. De voorstelling begint pas echt na het (nep)applaus.
Dit applaus is voor acteur en toneelschrijver Lo (Derek de Lint) en zijn vrouw, de actrice Ellen (Renée Soutendijk). Ze speelden zojuist de dernière (de laatste voorstelling) van een door hem geschreven autobiografisch toneelstuk. Over een relatie die hij ooit had met de Antilliaanse actrice Grace. Ironisch genoeg een rol van zijn vrouw Ellen. Na afloop blijkt dat de echte Grace (Kitty Courbois) in de zaal zat. Ze maakt haar opwachting op het halflege toneel, waar een lollige inspiciënt (toneelknecht) het decor aan het opruimen is. Ze confronteert de arrogante Lo met een liefde die nooit helemaal voorbij is gegaan. In de anderhalf uur die volgen, ontvouwt zich zo een aardig liefdesdrama met een helaas wat voorspelbare ontknoping.
Dit speelt zich allemaal af in het fictionele theater De Liefde. Na deze laatste opvoering gaat De Liefde tegen de grond. Het oude theatertje wordt vervangen door een nieuw en modern zalencomplex: een poppodium, concertzaal en theater in één. Met een grote zaal – de Grote Liefde – die omhoog en naar beneden kan, en die ‘breed en diep kan’.
Dat klinkt alsof de ironie er dik bovenop ligt, en dat is ook zo. Subtiliteit is niet schrijver en regisseur Ger Thijs’ grootste zorg geweest bij het maken van De grote liefde. Oude liefdes gaan, nieuwe liefdes komen en oude liefdes komen weer terug. Dat is het idee.
Wat veel goedmaakt zijn de vele toneelgrapjes. Iets waar deze context tot uitnodigt. Erg geestig is de wedstrijd geloofwaardig nepwhisky (ijsthee) drinken in het theater. Net als de sarcastische opmerkingen van de inspiciënt (Pitt de Grooth)à la ‘Altijd gezeik met schrijvers die hun eigen stukken regisseren.’
Ook de acteurs blijken overtuigend acteurs te kunnen spelen. De Lint en Soutendijk zijn vermakelijk in al hun gespeelde hysterie en zelfoverschatting. Maar de ster van de avond is Courbois die met haar lage stem en afgemeten motoriek een perfecte Grace is, de drankzuchtige, blanke Antilliaanse actrice die eigenlijk niets liever wil dan een happy end.
Leidse Schouwburg, 7 maart. Tournee t/m 6 juni. www.humstu.nl
Schrijf hieronder een reactie of trackback vanaf je eigen website.
RSS voor reacties.
Wees vriendelijk. Over dit bericht graag. Geen spam.