recensie - De city - Veenfabriek


Veenfabrieks ‘De city’ beter dan Martin Crimps tekst

Veenfabrieks ‘De city’ beter dan Martin Crimps tekst

Voelt niet iedereen zich wel eens als een verdwaald personage in een slecht geschreven toneelstuk? De personages in De city van toneelvertaler en -auteur Martin Crimp in ieder geval wel. Ze komen moeilijk uit hun woorden en lijden voor hun gevoel een oppervlakkig bestaan.

Je ontheemd voelen in je eigen leven, daarover gaat De city, dat nu door de Veenfabriek wordt gespeeld in een regie van Paul Koek. En over ogenschijnlijk meer, maar lang niet de hele tekst beklijft.

De muzikale voorstelling bulkt echter van de mooie scènes en beelden. Naast de vier personages stelt Koek vier ‘ghostactors’ op, studenten van de Mime Opleiding in Amsterdam. Deze spelen hun schaduw, soms letterlijk, of beelden op fraaie wijze – gekleed in legeruniform, gewikkeld in huishoudfolie of halfnaakt – de seksueel beladen subtekst uit.

De letterlijke tekst gaat over een stel (Reinout Bussemaker en Yonina Spijker) dat elkaar verhalen vertelt over hun dagelijks leven. Hij over zijn kapotte keycard en over de ontslagen op zijn werk. Zij over haar werk als vertaler en over een dubieuze schrijver die zijn kind liever kwijt dan rijk is. Samen met buurvrouw Jenny, een paranoïde verpleegster (Anneke Blok), proberen ze chocola te maken van hun absurde levens. Zonder succes.

Het surrealisme van de dialogen leidt vaak tot geestige verwikkelingen. Maar het gevatte acteren van Bussemaker en Spijker en een wervelende monoloog van Blok verhullen niet dat Crimp hier veelal werkt met mistige metaforen en te terloopse verwijzingen naar een oorlog.

De Veenfabriek heeft in hun berichtgeving rond de voorstelling niet nagelaten te melden dat ze De city spelen op speciaal verzoek van de auteur zelf, die Koeks eerdere enscenering in de V&D van zijn veel poëtischere Haar leven haar doden zeer waardeerde. Zoiets is moeilijk te weigeren, maar gelukkig kan Koek ook uit de voeten met een mindere Crimp.

Van de opkomst van de acteurs in hun dagelijkse kloffie en de manische verkleedpartij die erop volgt tot de verontrustende scènes met het ‘9 of 10-jarige’ dochtertje van het stel, voortdurend weet de regisseur te prikkelen met fascinerend, zinnebeeldend theater. Prachtig is ook het decor met onder andere een speelgoedstad, gemaakt door Theun Mosk.

Zo ontstijgt De city de beperkte tekst en wordt de voorstelling een ode aan de kracht van het spelen in de ruime zin van het woord: bellen blazen, acteren of een piano bespelen. De fantasie regeert.

Gezien: Scheltema Complex, Leiden, 26 februari. Tournee t/m 3 mei: www.veenfabriek.nl

Reacties

reacties

Powered by Facebook Comments