recensie


Kings ‘Misery’ wordt bij regisseur Porgy Franssen laffe hap

Een goed verhaal van Stephen King is vooral ontzettend spannend. De diepere psychologische drijfveren achter de personages zijn vaak simpel en bepaalde plotwendingen overduidelijk geconstrueerd om een bloedstollende sfeer te creëren. Maar het werkt wel. Misery uit 1987 is hier een geslaagd voorbeeld van.

Nadat in een film al voorzien was, bewerkte Simon Moore Misery voor theater. In 2000 was het te zien bij het Nationale Toneel. Nu spelen Victor Löw en Mirjam de Rooij hetzelfde stuk bij Kik Productions.

Löw speelt hier Paul Sheldon, een alcoholistische schrijver, die bekend is om zijn historische romantische romanreeks met hoofdpersonage Misery. Pure pulp, die goed verkoopt, weet ook Sheldon. Maar dan ontmoet hij zijn ‘allergrootste fan’ Annie Wilkes, die daar toch anders over denkt.

Annie vindt Sheldon na een auto-ongeluk en neemt hem mee naar huis. Maar de zorg van de psychotische ex-verpleegster ontaardt al snel in zieke terreur. Zo dwingt ze hem smerig schoonmaakwater te drinken en amputeert ze zijn beide benen als hij probeert te ontsnappen.

Toch is het regisseur Porgy Franssen niet gelukt een spannende thriller te maken. Annie is knettergek, dat is vanaf de eerste minuut duidelijk, en de eendimensionale rolopvatting van De Rooij verandert daar niets aan.

Löw ligt een voorstelling lang hulpeloos op bed, waar hij alle martelingen gelaten ondergaat. En tot overmaat van ramp werkt het geluidsdecor (voetstappen en krakende deuren, dat werk.) vooral op de lachspieren. Maar het allergrootste cliché is hier voor het einde bewaard. Het is schokkend om te zien hoe een verhaal dat in essentie zo spannend is, met een dergelijke sisser af kan lopen.

Warenar, Wassenaar, 1 februari. www.kikproductions.nl

Reacties

reacties

Powered by Facebook Comments

1 Reactie