Het voorspelt meestal niet veel goeds als toneelgroepen menen een verklarende woordenlijst bij hun voorstelling te moeten leveren. Toneelgroep Maastricht doet het nu bij De opgaande zon, een tekst van Herman Heijermans uit 1908, die ook nog eens flink wat ondernemersjargon bevat. Woorden als assureren, verreljaar en insolvent zijn schering en inslag in de bewerking van regisseur Arie de Mol, die Heijermans’ platte en ongepolijste spreektaal heeft willen behouden.
Maar de angst voor een statisch museumstuk blijkt ongegrond. De Mol stelt namelijk niet de oude, beetje rare tekst centraal, maar de extreme hartstochtelijkheid en levenslust van de personages. Zijn bewerking is juist bijzonder emotioneel, gevat en hedendaags. Haast poppy.
En dat is een hele kunst met zo’n degelijk sociaal-realistisch probleemstuk als De opgaande zon. Daarin gaat het over de strijd tussen de noodlijdende, maar immer goedlachse winkelier Mathijs de Sterke en een kapitalistisch monster van een warenhuis, De opgaande zon genaamd, dat gestaag de hele straat opkoopt. Enkel nog het krakkemikkige winkeltje van de familie De Sterke houdt hardnekkig stand.
De vitaliteit en aanhoudende opgewektheid, op het enge af soms, die Mathijs aan de dag legt, is de motor van deze voorstelling. De tegenslagen volgen elkaar op – rekeningen, verlies op de beurs, een uitslaande brand – maar ze deren hem nauwelijks. Jack Vecht, die hem speelt, is manisch, wildenthousiast en positief tegen de klippen op. Het is een meeslepende en soms adembenemende performance van Vecht.
Er zijn daarnaast een hoop secundaire verhaallijntjes, zoals een liefdesgeschiedenis tussen de dochter (Jessie Wilms) en de bovenbuurjongen. Er is een gehandicapt buurmeisje. En de grootvader (een ontroerende Hans van Leipsig) blijkt zelf ook een traumatisch faillissement doorleefd te hebben. De hele familie, inclusief een grappige slungel van een winkelknecht, woont in een krapbemeten krot waar de muren afwisselend bol staan van de treurnis of gezelligheid
De Mol gebruikt die wijdlopigheid van de plot als troef. Hij laat vaak meerdere scènes tegelijk spelen in de verschillende uithoeken van het stampvolle decorhuisje van de familie De Sterke. Hierdoor is niet iedereen altijd goed te verstaan, maar de drukte en veelstemmigheid, gecombineerd met de muziek die de acteurs te pas en te onpas spelen, blazen een onverwoestbaar leven in deze Heijermans.
Noch een megalomaan warenhuis, noch een onbezonnen wanhoopsdaad krijgt deze familie er uiteindelijk onder, dat moge duidelijk zijn.
Gezien: Derlon Theater, Maastricht, 13 maart. Daar t/m 16 mei en volgende seizoen tournee. www.toneelgroepmaastricht.nl
Reacties
Powered by Facebook Comments