Ook rovers gaan met hun tijd mee. Tegenwoordig heten ze daarom terroristen. De rovers uit het gelijknamige stuk van Schiller uit 1780 maken in een bewerking bij het Noord Nederlands Toneel bijvoorbeeld handig gebruik van recepten uit The Anarchist Cookbook. Op het podium wordt voorgedaan hoe je thuis vrij simpel een zogenaamde kunstmestbom of molotovcocktail kan bereiden.
Het is een van de vele verwijzingen in deze voorstelling naar Chuck Palahniuks Fight Club. David Finchers verfilming van dit boek wordt door regisseur Floris van Delft en bewerker Wolter Muller genoemd als inspiratie voor hun enscenering van De Rovers. Film en toneeltekst gaan over een bende jongens die een koelbloedige strijd leveren voor hun vrijheidsidealen.
Helaas lijkt alle aandacht van de makers naar de vorm van deze voorstelling te zijn uitgegaan. Schillers tekst komt er nogal bekaaid van af. Er is veel geschrapt, waardoor de intrige tamelijk dun is geworden. Ook de beweegredenen van de personages lijken vaak erg eenduidig.
Charles Moore (Martijn de Rijk) bijvoorbeeld. Hij is aanvoerder van een zootje desperado’s, een roversbende die er hier uitziet als een bevrijdingsfront. Ze zijn zwaar bewapend, hebben niets meer te verliezen en vechten tegen de gevestigde orde en heersende machten. Deze worden verpersoonlijkt door Charles’ boosaardige tweelingbroer Francis Moore. De oorsprong en betekenis van deze vete wordt verder niet uitgediept.
De strijd komt wel goed tot uiting in de mooie scenografie. De speelvloer is over de gehele lengte in tweeën gedeeld door een metalen hekwerk. Het achterste gedeelte bestaat uit veel betonblokken met graffititeksten en is de loods-achtige schuilplaats van de rovers.
Deze omgeving en het gedrag van de rovers doen sterk denken aan weer een andere film: Quentin Tarantino’s Reservoir Dogs. Vooral ook de manier waarop ze steeds maar weer hysterisch met hun pistolen lopen te zwaaien en deze nerveus op elkaar richten als er iemand verdacht wordt van verraad. Een andere parallel: in een scène wordt een rechter gegijzeld en mishandeld, zoals een agent in de film.
Het andere deel van de speelvloer, met zwarte glimmende tegels, stelt het paleis voor waar Francis zich verschanst heeft. In het geniep broedt hij hier op slechte plannen, zoals het bespoedigen van zijn vaders dood. Joris Smit speelt hem als de karikaturale neurotische evil villain, handenwrijvend en al. Dat doet hij met veel humor en ironie, zodat hij het meest genietbare personage in deze voorstelling speelt.
De middelmatigheid in de overige rolopvattingen ligt echter niet aan de acteurs, maar vooral aan de regisseur. Opvallend is dat juist veel van de scènes in het rovershol erg matig zijn. Spannend wordt het nauwelijks. De rovers lijken een stelletje dolgedraaide pistoolzwaaiende actiehelden, zoals die allerlei barslechte b-films bevolken. Wat mist zijn nu net de stijl en klasse die films als Fight Club en Reservoir Dogs zo uitzonderlijk maakten. Ontploffende rook- en stofbommen, veel geschreeuw en spektakelvuur alleen zijn niet genoeg.
Machinefabriek, Groningen, 1 april. www.nnt.nl
Reacties
Powered by Facebook Comments